19 augustus 2013

Samenvatting soortenstandaard: gewone grootoorvleermuis

De afgelopen jaren heeft het Ministerie van Economische Zaken van een groot aantal soorten een soortenstandaard uitgebracht. Projectleider van dit project is Toon Zwetsloot van Dienst Landelijk Gebied. Hij heeft ervoor gezorgd dat beschikbare informatie uit literatuur en expert judgement uit de Nederlandse praktijk bij elkaar gebracht zijn en beschreven in de soortenstandaards. In totaal zijn van 22 soorten een soortenstandaard beschreven, dit zijn de soorten die het vaakst bij ruimtelijke ontwikkelingen voorkomen. Zwetsloot: “De opdracht was: beschrijf van iedere soort op 1 A4-tje hoe je rekening kunt houden met de soort. Dat is niet gelukt, gemiddeld tellen de soortenstandaards 50 pagina’s vol informatie over deze soorten.” Dat is de reden dat we geprobeerd hebben de soortenstandaard van de gewone grootoorvleermuis samen te vatten tot 1 A4-tje. Deze samenvatting is in dit weblog bericht te vinden.
Deze samenvatting maakt in grote lijnen duidelijk waarmee rekening gehouden moet worden in gebieden waar de gewone grootoorvleermuis voorkomt. Voor aanvullende informatie raden wij aan de soortenstandaard zelf te raadplegen.

1. Ecologische informatie

De gewone grootoorvleermuis is een vrij kleine vleermuissoort met opvallend grote oren. De soort lijkt sterk op de grijze grootoorvleermuis die alleen in zuidelijk Nederland voorkomt. De gewone grootoorvleermuis bewoont zowel gebouwen als bomen. In gebouwen worden hoofdzakelijk ruime zolders bewoond, in bomen vooral oude spechtengaten. De winterslaap wordt onder andere in ondergrondse, grotachtige ruimten gehouden. De gewone grootoorvleermuis foerageert overwegend in bos en parkachtige gebieden die in de
directe omgeving van de verblijfplaatsen liggen. Vliegroutes tussen verblijfplaatsen en foerageergebied lopen vrijwel altijd langs beplantingen zoals hagen en bomenrijen. De soort komt in vrijwel geheel Nederland, maar ontbreekt op de Waddeneilanden. In de tweede helft van de vorige eeuw werd een aantalsafname geconstateerd, maar nu is het aantal stabiel.

2. Bescherming

Gewone grootoorvleermuizen mogen niet worden gedood of opzettelijk verontrust en vaste rust- of verblijfplaatsen (zomer-, paar- en winterverblijfplaatsen), essentiële vliegroutes en foerageerplaatsen zijn beschermd. Ook in perioden waarin de dieren niet aanwezig zijn mogen zulke plaatsen niet ongeschikt gemaakt worden of verloren gaan. In bepaalde gevallen kan gewerkt worden volgens een goedgekeurde gedragscode. Als te verwachten is dat bij een ingreep verstoring van gewone grootoorvleermuizen of hun leefgebied zal plaatsvinden moet een ontheffing Flora- en Faunawet worden aangevraagd. Deze wordt verleend als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan en de ingreep aan een wettelijk erkend belang voldoet. Vooraf dient in vrijwel alle gevallen onderzoek naar de situatie er plekke plaats te vinden.

3. Onderzoek

Vanwege de mobiliteit van de gewone grootoorvleermuis en de uiteenlopende functies die het landschap voor deze soort kan vervullen moet onderzoek gespreid over het jaar plaatsvinden. Dit onderzoek dient te worden uitgevoerd met behulp van een bat-detector en door een deskundige op het gebied van vleermuizen. In de zomer (half april – half augustus) moeten tenminste drie onderzoeksronden in avond- en/of ochtendschemer worden uitgevoerd en in de paartijd (1 april – 15 mei, 15 augustus – 1 oktober) twee ronden vanaf zonsondergang. Naast verblijfplaatsen moeten vliegroutes en foeragerende dieren in kaart worden gebracht. Winterverblijven zijn op te sporen door in ondergrondse ruimten naar dieren in winterslaap te zoeken. Bestaande gegevens kunnen een waardevolle aanvulling zijn bij het beoordelen van een ingreep.

4. Beschermingsmaatregelen per activiteit

Activiteiten die nadelig kunnen zijn voor de gewone grootoorvleermuis betreffen onder andere:
– renoveren, restaureren en slopen van gebouwen;
– behandelen van balken op zolders met houtconserveringsmiddelen;
– functieverandering van gebouwen;
– kappen van bomen en verdwijnen van groenstructuren;
– aanleggen of verbreden van infrastructuur;
– aanbrengen van verlichting.
Bij werkzaamheden aan gebouwen moet voorkomen worden dat gewone grootoorvleermuizen gedood worden of verblijfplaatsen ongeschikt raken. De meest kwetsbare perioden zijn de kraamtijd (mei – half september), de winterrust (15 oktober – 1 april) en de paartijd (september – half oktober, april). Verblijfplaatsen moeten ruim van te voren ongeschikt gemaakt worden door gaten te slaan in holle muren en dakpannen en betimmering te verwijderen. Ook kan de verblijfplaats na het uitvliegen van de vleermuizen met sterke lampen belicht worden, zodat de dieren niet terugkeren. Afhankelijk van de aard van de verblijfplaats moeten tenminste een maand tot een jaar voor de ingreep vervangende verblijfplaatsen beschikbaar zijn. Voor iedere te verdwijnen verblijfplaats moeten vier vervangende verblijfplaatsen worden aangeboden. Deze moeten onder andere een microklimaat bieden dat vergelijkbaar is met de verdwijnende verblijfplaatsen.
Als groenstructuren verdwijnen die als vliegroute en/of als foerageergebied gebruikt worden, moeten ruim van te voren (1 – 3 jaar) alternatieven aangeplant worden. Deze kapwerkzaamheden moeten in de winter worden uitgevoerd. Als tijdelijke vliegroute kan een scherm geplaatst worden. Wanneer bomen als verblijfplaats worden gebruikt moeten de kapwerkzaamheden in de periode april – augustus worden uitgevoerd. Na het kappen moeten de bomen met de holten naar boven gericht een nacht blijven liggen zodat eventueel aanwezig vleermuizen kunnen wegkomen. Verstoring door verlichting moet vermeden worden. Dit geldt voor verblijfplaatsen, vliegroutes en
foerageergebied. In het plangebied en de directe omgeving moet de verlichting minimaal zijn, het licht moet naar beneden worden gericht en er moeten afschermende armaturen worden gebruikt. Bij nieuwe infrastructuur die een vliegroute kruist kan het noodzakelijk zijn een voorziening te maken die ervoor zorgt dat vleermuizen veilig onder- of bovenlangs kunnen passeren.
De samenvatting is als PDF hier te downloaden.

Landelijk
Algemene contactgegevens
Vestiging: Landelijk Mail ons Bel ons Het team
Annemarie van Leeuwen
Annemarie van Leeuwen
Vestiging: Friesland Mail mij Bel mij
Marlien de Voogd
Marlien de Voogd
Vestiging: Utrecht Mail mij Bel mij
Mieuw van Diedenhoven
Mieuw van Diedenhoven
Vestiging: Utrecht Mail mij Bel mij
Arthur Hoffmann
Arthur Hoffmann
Vestiging: Utrecht Mail mij Bel mij
Adri Clements
Adri Clements
Vestiging: Zeeland Mail mij Bel mij
Vincent Elders
Vincent Elders
Vestiging: Gelderland Mail mij Bel mij
Stefan van Schaik
Stefan van Schaik
Vestiging: Noord Brabant Mail mij Bel mij
Annemieke Kolvoort
Annemieke Kolvoort
Vestiging: Landelijk Mail mij Bel mij
Karin van Steenwijk-Bolle
Karin van Steenwijk-Bolle
Vestiging: Limburg Mail mij Bel mij
Manon Mulder
Manon Mulder
Vestiging: Drenthe Mail mij Bel mij
Rens Hensgens
Rens Hensgens
Vestiging: Limburg Mail mij Bel mij
Anna Luijten
Anna Luijten
Vestiging: Gelderland Mail mij Bel mij